HET WERK VAN EEN EVANGELIST
Als gelovigen zijn wij geroepen om te getuigen van de heerlijkheid van onze Heere Jezus Christus¹. En moeten wij altijd bereid zijn om antwoord te geven van de hoop die in ons is². Dat kan alleen als wij deze hoop echt in ons hebben. Het is duidelijk dat, als wij willen getuigen van de Heere Jezus, wij Hem eerst moeten kennen. Dat betekent dat wij opnieuw geboren moeten zijn³. Door het geloof in het volbrachte werk van onze Heere Jezus Christus aan het kruis en Zijn opstanding uit de doden. Als gelovigen die het evangelie verkondigen hebben wij een groot voorrecht en een grote verantwoordelijkheid. Een voorrecht omdat wij geroepen zijn de blijde boodschap te vertellen aan verloren mensen; waar zelfs de engelen begerig zijn zich in te verdiepen⁴. Daarnaast is het een verantwoordelijkheid omdat wij een hemels mandaat gekregen hebben om een boodschap te brengen die het verschil kan maken tussen een ziel in de hemel of een ziel in de hel. Wie is bekwaam voor deze taak? Menselijk gezien - niemand. Er is maar één weg naar eeuwig leven en dat is door onze Heere Jezus Christus; alleen in Zijn naam is verlossing van zonde. Alleen in Zijn naam is kracht tot behoud.
¹ Hand. 1:8, ² 1Pet.3:15, ³ Joh.3:3, ⁴ 1Pet.1:12
Het ware evangelie
Er is dus maar één waar evangelie waardoor een mens gered wordt; als hij met zijn hart gelooft in deze grote boodschap die aan ons is toevertrouwd vanuit de troon van God. Dit evangelie is eenvoudig en wij worden opgeroepen van deze eenvoud niet weg te lopen¹. Paulus waarschuwt in de Korinthebrief namelijk ook voor een andere Jezus, een andere geest en een ander evangelie². Het enige evangelie echter waardoor mensen gered kunnen worden en die de Korintiërs wel hebben aangenomen, staat beschreven in de eerste brief aan Korinthe: *"Verder maak ik u bekend, broeders, het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat u ook aangenomen hebt, waarin u ook staat, waardoor u ook zalig wordt, als u eraan vasthoudt zoals ik het u verkondigd heb, tenzij dat u tevergeefs geloofd hebt. Want ik heb u ten eerste overgeleverd wat ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften." * 1 Korinthe 15:1-4
¹ 2Kor. 11:3, ² 2Kor. 11:4
Christus prediken en vertegenwoordigen
Alleen omdat Christus Jezus, de Zoon van God, gestorven is voor onze zonden, begraven is en opgewekt is op de derde dag, kunnen mensen gered worden. Hij heeft de toorn van God gedragen door onze zonden op Zich te nemen en zo werden wij verzoend met God. Door te geloven dat deze ontzagwekkende Redder ook voor mij persoonlijk stierf aan het kruis, wordt een mens wedergeboren. Zo ontvangt hij de Heilige Geest en wordt een kind van God ¹. In de tweede brief van Paulus aan de jonge Timotheüs vinden we veel instructies die van toepassing zijn voor iedereen die dit evangelie verkondigt. In 2 Timotheüs 4:1 lezen we dat Paulus Timotheüs op het hart drukt om het Woord te prediken. Het is belangrijk dat wij het hele raadbesluit van God prediken². Het Woord van God uitleggen zoals het is, zonder persoonlijke interpretaties en verwatering³. Wij weten dat wij allemaal moeten verschijnen voor de rechterstoel van onze Heere Jezus Christus⁴. Dan zullen we verantwoording moeten afleggen voor elk nutteloos woord⁵. Het is belangrijk dat wij beseffen dat als wij op straat staan om Christus te prediken, wij ook Christus vertegenwoordigen. Laten we daarom denken aan het voorbeeld dat wij geven aan ongelovigen en gelovigen die wij ontmoeten. De Heere Jezus is zachtmoedig⁶, Hij is liefdevol⁷ en spreekt alleen de waarheid⁸. Als discipelen van de Heere Jezus zijn wij geroepen om Zijn voorbeeld na te volgen⁹ en door de kracht van Zijn Heilige Geest groeien wij in genade en kennis van onze Heiland¹⁰. Terwijl wij hierin vallen en opstaan, worden wij van dag tot dag veranderd om steeds meer op Hem te gaan lijken en stralen we helder in deze duistere wereld¹¹. We zijn verantwoordelijk om hen die leven in wanorde terecht te wijzen, de moedeloze te bemoedigen, de zwakken te ondersteunen en met allen geduld te hebben¹². Wij zijn geroepen om geen woordenstrijd te voeren, onheilige en inhoudsloze praat te vermijden en dwaze en onverstandige vragen te verwerpen.¹³
¹ Rom. 10:9, ² Hand. 20:27, ³ 2Pet. 1:20, ⁴ 2 Kor. 5:10, ⁵ Matt.12:36, ⁶Num. 14:18, ⁷ 1Joh. 4:7, ⁸ Num 23:19, ⁹ 1Joh 2:6 ¹⁰ 2.Pet.3:18, ¹¹ Matt.5:16, ¹² 1.Thes.5:14, ¹³ 2.Tim.2:14-15
Wij worden daarom geroepen om met zachtmoedigheid en geduld te werk te gaan, geen ruzie te maken en vriendelijk te zijn voor iedereen. En om zowel christenen als niet-gelovigen te onderwijzen. In ons tekstgedeelte lezen wij dat we moeten weerleggen wat tegen het Woord van God ingaat en tegen gezonde leer. Dat moeten we doen met alle vrijmoedigheid en liefde. Daarom is belangrijk dat een gelovige die het evangelie op straat zal brengen, een verlangen heeft om zijn kennis van de Schriften op te bouwen² zodat hij elke verkeerde leer kan weerleggen met het zwaard van het Woord van God³. Wij zijn geroepen om te vermanen, dat wil zeggen broeders en zusters in liefde aan te sporen op het juiste pad te blijven, hen te bemoedigen in goede dingen en hen te wijzen op de grote genade van onze Heere Jezus Christus voor alle fouten en zonden. Een broeder of zuster die op straat staat om het Woord van God te verkondigen heeft dus een groot voorrecht en een grote verantwoordelijkheid. Tegelijkertijd heeft hij of zij een grote God die zegt: “Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld.” Onze Heer heeft deze woorden gesproken nadat Hij de grote zendingsopdracht had gegeven aan Zijn discipelen. Als Hij met ons is, laten wij dan met vrijmoedigheid het woord van God uitdelen⁵, wetend dat de Schepper van hemel en aarde naast ons is als wij de goede boodschap brengen aan alle volken!
¹ 2Tim 2:24-25, ² 2.Tim. 2:15, ³ Eph.6:17, ⁴ 2Tim. 3:17, ⁵ Hand 4:29
In Christus, Jure Ambroz
